Geschiedenis

Herkomst van het geslacht Van C/Kampenhout

Kampenhout wordt voor het eerst vermeld in het midden van in een Latijnse tekst uit Sint-Truiden: “Mulier quaedam, Mensuendis nomine, de Campenholt Bracbatensis pagi villa…”
Daarin staat dat door tussenkomst van de Heilige Trudo een vrouw uit het Brabantse Kampenhout voor haar zoon ‘het gezicht terugbekwam’. Mirakels waren toen uiteraard schering en inslag.
De meeste historici zijn het er over eens dat de naam Campenholt, bestaat uit Campen en duidt op de Brabantse Kempen, die zich uitstrekken tot in het nabije Keerbergen. Ook in Kampenhout treft men nu nog zandrijke leemgronden aan. Holt of hout zou dan duiden op een primitief bos of woud, waarin akkerland werd uitgespaard.

Baron Jan(nne) van Campenhout 1080 is vermoedelijk de eerst bekende uit het geslacht C/Kampenhout. Hij vocht en overlijdt in de Grimbergse Oorlog. In de ‘Gedichten over de Grimbergse Oorlog’ wordt Janne uitgebreid beschreven. (zie ook in de stamboom)

Na zijn dood volgt er in een oorkonde uit 1145 vermelding van Walterus de Campenholt. In 1154 is er sprake van een schenking aan de abdij van Grimbergen.
In 1209 wordt er nog een Walterus de Campenhout vermeld in een hertogelijke brief. Dit zou dan de zoon van Walterus de oudere zijn. De spelling is blijkbaar veranderd zodat ‘holt’ nu ‘hout’ geworden is.

Het is ook duidelijk dat het geslacht van de Van Campenhouts reeds in het begin van de 12e eeuw Kampenhout ontgroeid waren. Historici zijn het er wel over eens dat hun naam zeker afkomstig is van de nederzetting Campenhout. Hun hofstede zou gestaan hebben op de plaats waar nu het Kasteel Van Bellinghen staat.

In de dertiende eeuw wordt het geslacht van de Van Campenhouts omschreven als ‘notarii’ en als ‘judices domini ducis’. Dit laatste duidt aan dat zij een voornaam geslacht waren en nauwe banden hadden met de hertogen van Brabant. Die invloed hebben zij waarschijnlijk gebruikt om hun dorp van herkomst in de 14e eeuw als hoofdmeierij te laten optreden. Eerder bevond er zich reeds een hoofdschepenbank om de rechtsmacht uit te oefenen over de streek van Midden-Brabant.
Tot in 1797 vinden wij hoofdmeiers en in het dorp vinden wij ook nog het gebouw van de vroegere meierij uit de 18e eeuw.

Conclusie van het verhaal: zowel de gemeente Kampenhout als de familie van C/Kampenhout kan prat gaan op een roemrijk verleden en daar kunnen wij alleen maar trots op zijn.